|
Al bij het schrijven van het "element Vuur" als onderdeel van opus 106 had ik de
"Orchestration Recipes" van Philip Johnston ontdekt.
Deze Orchestration Recipes vormen een online cursus en set materialen van componist en muziekpedagoog Philip Johnston,
bedoeld om orkestratie stap-voor-stap “receptmatig” te leren toepassen. In de reeks orkestratie-tutorials waarbij
leer je met concrete “recepten” hoe instrumenten te combineren om specifieke kleuren, sferen en effecten te krijgen.
Omdat ik graag mijn eigen muzikale mogelijkheiden wil verbreden buiten mijn eigen confortzone leek het
me een goed idee om de boeken 1 en 2 van deze serie aan te schaffen en alle recepten zelf te bereiden.
Dit opus 108 is de eigen realistatie van alle orkestratie oefeningen uit het recepten boek, korte stukjes die
ik daarom "Orchestral dishes" heb genoemd, uiteraard allemaal voor "orkest".
Het was een bijzondere ervaring om muziek te schrijven die ik zelf nooit zo zou schrijven,
maar dat maakte het juist leerzaam.
op.108 nr.1 Orchestral dish #1
Ondertitel: "Heroic Choral Bisque with Infused Pianoforte".
Dit recept richt zich op een epische koorklank die wordt gekenmerkt door een eenvoudige, repetitieve staccato
melodie die door de violen wordt verdubbeld. Onder het koor ligt een onophoudelijk stuwende piano-begeleiding
van arpeggio's in zestiende noten die de onderliggende harmonieën volgen.
De hoorns spelen langgehouden tonen die aanzwellen en wegsterven (swells & fades) om gewicht toe te voegen
zonder de aandacht van de zanglijn af te leiden.
Dit recept had ik al eerder gevolgd en de "dish" is dus in feite opus 106 nr.4,
het "element Vuur".
op.108 nr.2 Orchestral dish #2
Ondertitel: "Period Drama Stringed Oboe Ravioli in Hadyn Sauce".
Dit stuk rust op een fundament van lage staccato strijkers (altviool, cello en bas) die pulserende achtste noten
spelen over drie octaven. Om te voorkomen dat het ritme te log wordt, voegen de tweede violen gesyncopeerde
harmonieën toe, terwijl de eerste violen een melodie spelen die gebaseerd is op drieklanken. Het hoogtepunt
wordt gevormd door een lyrisch hobo-duet, waarbij de tweede hobo bijna constant in parallelle sexten onder
de eerste hobo beweegt voor een klassieke, hoofse uitstraling.
op.108 nr.3 Orchestral dish #3
Ondertitel: "Nostalgic Horn Parisienne with Tremolo Jus".
Dit recept draait om een langzame, emotionele hoornmelodiedie gebruikmaakt van een A-B-A-C structuur;
door de vraag aan het begin letterlijk te herhalen, voelt de melodie direct vertrouwd aan voor de luisteraar.
Op de achtergrond zorgen de violen voor een ijle, hoge tremolo-orgelpunt die nauwelijks merkbaar is zodra
de melodieën inzetten. Een tegenmelodie in het hoge register van de cello’s spiegelt de intervallen van
de hoorn, wat resulteert in een intiem duet dat de melancholische sfeer versterkt.
op.108 nr.4 Orchestral dish #4
Ondertitel: "Dark Strings Consommé with Brass Pad Coulis".
Om een duistere en onheilspellende sfeer te creëren, spelen de trombones mineurakkoorden in nauwe ligging
die chromatisch verschuiven (planing), waardoor het tooncentrum ongrijpbaar blijft. De cello's en bassen
geven hierop antwoord met stapsgewijze pizzicato-lijnen in kwartnoten, waarbij ze de eerste tel van de
maat vrijlaten voor het koper. Het arrangement wordt bekroond door extreem hoge viool-octaven die vaak
bewust niet passen bij de koperakkoorden, wat een vervreemdend "polychord-effect" oplevert.
Nog "work in progress", al een paar oefeningen gedaan, maar nog veel meer om te gaan maken ...
|