Spheren
Muziek van
Paul Merkus
Op.102 Miniatures

De "Miniatures" zijn korte stukjes voor "piano solo". Een van de bronnen van inspiratie is de bundel van 33 "Miniatures for Piano" van Giya Kancheli, korte, relatief eenvoudige stukjes die mijns inziens toch spannend zijn (vooral vanwege het gebruik van noneakkoorden).

op.102 nr.1 Miniature #1
Deze eerste Miniature is ontstaan in de nadagen van 2023, zo rond de Kerstdagen. Het stuk kent overeenkomsten met de Rêverie, op 61. nr.4, zowel qua toonsoort als qua akkoordopeenvolging.

op.102 nr.2 Miniature #2
Deze tweede Miniature is het eerste stuk wat ik geschreven heb in 2024, een uitwerking van de omspeling van een dalende tertsengang. Dit stuk is tot stand gekomen door uit te gaan van een improvisatie die ik heb opgenomen en dankzij de recente piano audio import feature van StaffPad in bladmuziek heb kunnen omzetten. Het mineur gedeelte is echter daarna pas toegevoegd, evenals de reprise.

op.102 nr.3 Miniature #3
De derde Miniature is ook een improvisatie waarvan ik in één take een audio opname heb gemaakt die ik daarna met StaffPad's Piano Capture feature in bladmuziek heb getranscribeerd. Het is een heel kenmerkend stuk met de gebruikelijke gebroken akkoorden in de linkerhand en het stuk transponeert van G-mineur naar D-groot, maar eindigt in B-groot.

op.102 nr.4 Miniature #4
Context/aanleiding
Net als bij de eerste Miniature is ook deze vierde Miniature ontstaan in de nadagen van het jaar (zo rond de Kerstdagen), maar ditmaal was dat in 2025. De directe aanleiding van deze vierde “Miniature” is het feit dat ik in het jaar 2025 nog geen stuk voor piano solo had geschreven. En dat terwijl het eerste pianostuk (Andante, opus 2 voor José) uit 1985 stamt, dus 40 jaar geleden. Daardoor was de ondertitel van het verzamelboek “Capita selecta voor piano” deze aanduiding: “Opus 2 – opus 105, 1985 - 2024”.

En van dat laatste jaartal wilde ik graag 2025 maken, maar dan moest er wel een Spheren pianostuk geschreven in 2025 zijn...

Muzikale analyse
Deze vierde miniatuur gaat uit van het voor Spheren zo karakteristieke gebruik van de (meestal grote) septiem, waarbij (zoals ook uitgelegd bij Dialogue, opus 51) er opnieuw gekozen is voor een klankidioom waarin de (grote) septiem niet als dissonant beschouwd wordt, maar als kleuring. Er zijn dan ook cadenzen die oplossen naar een septiemakkoord (en die daarom dus als consonant behandeld wordt). Dit om het geheel wat "spannend" te maken.
De expositie van deze vierde Miniature is dan ook vol van septiemen. In het speelsere intermezzo even geen septiemen, maar ladderfiguren en omspelingen. Na dit intermezzo komen de septiemen in de reprise weer terug. Aanvankelijk wilde ik ook op een groot-septiem-akkoord eindigen, maar om tot een volledig slot te komen heb ik er nog een coda van twee extra maten aan toegevoegd (met uitgedunde stemvoering).


Miniature #1 op.102 nr.1
Miniature #2 op.102 nr.2
Miniature #3 op.102 nr.3
Miniature #4 op.102 nr.4